ambeteren
am·be·`te·ren (ww, Belg.)
lastig vallen, plagen, ergeren, vervelen.
Uit het taalmuseum van het Schaftlokaal.
ambeterenam·be·`te·ren (ww, Belg.)
lastig vallen, plagen, ergeren, vervelen.
Uit het taalmuseum van het Schaftlokaal.